Dat is toch niet logisch?
Laive bruiers en zusters, as God ons zo laifhad het, den mout wie nkander ook toch laifhebben (1 Johannes 4:11 – Biebel in ‘t Grunnegers).
Soms als je de Bijbel leest in een andere vertaling, vallen kleine verschillen ineens op. Soms is het dat éne woordje. Deze tekst uit 1 Johannes is zo bekend: als God ons zo liefhad, moeten ook wij elkaar liefhebben (HSV). En dan staat ineens in de Groningse vertaling het woordje ‘toch’.
Toch, dat éne kleine woordje. Het is een woord dat bevestiging vraagt, van diegene die een vraag krijgt: “Je gaat wel mee, toch?” Aan de andere kant geeft dit woordje ook een gevolg van een voorgaande actie aan: “Die persoon wees ons de weg, dan gaan we toch ook?”
Toch: Omdat God ons heeft liefgehad, dan hebben wij elkaar toch ook lief? Zo logisch als wat. Klaar als een klontje. God heeft ons liefgehad en dus kan het niet anders, dan dat wij elkaar ook liefhebben.
God heeft ons lief, doordat Hij zijn Zoon als verzoening voor onze zonden gaf. Wij hebben elkaar lief, doordat wij elkaar in Christus zien en daarmee zien wij elkaar, zoals God ons ziet.
Als onze liefde naar elkaar toe als een mosterdzaad zo klein is, zoals de liefde van God naar ons toe, dan heeft God ons al bekeerd. Dat zegt niet dat we er al zijn: elke dag bekeren we weer door God en komen we hopelijk een stapje dichter bij Hem. Want zonder Hem, hadden we helemaal geen liefde voor elkaar en waren we overgeleverd aan onze eigen zelfzucht.
Liefhebben als God, dat is niet logisch, toch? Nee, want Gods liefde is niet te begrijpen. Gods liefde is wel te aanvaarden en te geloven. Wanneer je dat doet, dan ga je er toch ook naar handelen?