Afbeelding
Freepik

Een goed voornemen

Algemeen

Want niemand kan een ander fundament leggen dan wat gelegd is, dat is Jezus Christus (1 Kor. 3:11 - HSV).

Het nieuwe jaar is begonnen. Velen hebben weer goede voornemens gemaakt, die al-dan-niet zullen sneuvelen in de loop van 2026. Goede voornemens, deze horen er in het begin van het jaar bij – een onuitgesproken nieuwjaarstraditie.

En dan deze tekst: daar wordt in zekere zin ook gesproken over een bodem, maar dan met de bouwkundige term van fundament. Paulus noemt dit fundament Jezus Christus. Dit is niet de enige vergelijking tussen het ‘bouwbedrijf’ en Jezus. 

De ‘hoeksteen’ uit Psalm 118:22 wordt ook op Jezus toegepast. Maar ook een tekst als Jesaja 28:17, waarin het recht als meetlint en gerechtigheid als paslood worden genoemd, is op Jezus van toepassing: Hij is het, die heel zijn leven in volledige gerechtigheid heeft geleefd. Ook de belijdenis van Petrus, waarin hij uitspreekt dat Jezus Christus de Zoon van God, de Messias is, wordt door Jezus beantwoord met de mededeling dat op deze belijdenis de kerk gebouwd zal worden (Matth. 16:18).

Het fundament is de eerste daadwerkelijke uitvoering van de bouw na het maken van de plannen, tekeningen en voorbereidingen. Wanneer Jezus Christus het fundament van ons geloof is, dan mag heel het Oude Testament gelezen worden vanuit het ontwerp, het uittekenen en voorbereiden op Jezus Christus. Is Hij eenmaal gekomen, dan ligt het fundament van – zoals nu bekend – minimaal 2000 jaar kerkgeschiedenis.

Jezus Christus als fundament betekent dat Hij, niet alleen als persoon, maar ook in zijn ambt als Messias – onze Middelaar, het begin vormt van alles in ons geloofsleven. Jezus is de persoon, Christus (Messias) het ambt. Vaak vereenzelvigen wij Jezus direct met zijn messiaanse ambt. Echter, wanneer je de persoon van Jezus losmaakt van zijn ambt, blijft er niet veel meer over dan een hoge – zo niet hoogste – profeet. Dan zeggen christenen over Jezus niet veel meer als wat moslims over Jezus belijden, dan zeggen christenen niet veel meer als wat vrijzinnige christenen over Jezus zeggen.

Daarom zegt Paulus ook in 1 Korintiërs 2: 2, dat hij zich had voorgenomen om alleen Jezus Christus te prediken. Paulus predikt het fundament. Dat was Paulus’ goede voornemen voor de mensen in Korinhe. Wanneer het gaat om Gods reddingsplan, dan kan niemand om Jezus Christus heen. Paulus predikt niet alleen Jezus en wat Hij als persoon heeft gedaan, maar Jezus als de Joodse – en heidense - Messias.

Jezus Christus mogen en kunnen we als persoon niet los zien van zijn ambt. Jezus als persoon leefde zijn ambt. Bij dominees hebben we vaak de neiging om hem te vereenzelvigen met zijn ambt. Het is misschien verstandig om dominees wel – waar nodig – los te zien van het ambt dat hij bekleedt. Ook al is hij 24/7 predikant.

Jezus Christus, in persoon en ambt, is het fundament voor het christelijk geloof. Elke gelovige en elke kerk bouwt op dit fundament. Het vastmaken aan dit fundament met allerlei bouwmaterialen kan van alles opleveren. Echter, net zoals in de wereld overleeft – ondanks een fundament – niet elk bouwwerk eender welke rampspoed het ook mag treffen. Ook niet alles wat kerken en gelovigen aan materialen aandragen in het christelijk geloof zal het verzengende vuur van God doorstaan. Betekent dat dan dat alles afgeschreven wordt door God, als het zijn vuur niet doorstaat? Nee, in tegendeel: de gelovige is gered – ondanks het materiaal, maar dankzij het fundament.

Zo’n twintig jaar geleden liepen veel jongeren met armbandjes, met daarop de afkorting W.W.J.D. - what would Jesus do (wat zou Jezus doen)? Jezus Christus legde en was de basis van het christelijk geloof. Wat Hij deed was het fundament: Hij stierf in onze plaats, Hij liet zijn lichaam breken, zodat wij opgebouwd konden worden; Hij liet zijn bloed vloeien, zodat wij de zuivere materialen – bouwstenen – van het christelijk geloof kunnen zijn.

Schriftwerk