Afbeelding

Het middeleeuwse plafond van St. Martin in Zillis

Algemeen

Wie de kerk van St. Martin in Zillis (kanton Graubünden) binnenstapt, ervaart iets onverwachts. De ruimte is sober: een romaanse zaalkerk met een protestants interieur. Maar dan kijk je omhoog. Daar ontvouwt zich een middeleeuws universum. Het houten plafond uit 1114 bestaat uit 153 beschilderde panelen die samen een visueel verhaal vormen. Paneel na paneel, scène na scène, bijna als een middeleeuws stripverhaal over het leven van Jezus. Het is een van de weinige bewaard gebleven houten kerkplafonds uit de middeleeuwen in Europa.

Een kerk waar je omhoog moet kijken

De kerk behoort tegenwoordig tot de protestantse traditie. Dat maakt het des te opmerkelijker dat het plafond bewaard is gebleven. Veel religieuze afbeeldingen verdwenen tijdens de beeldenstorm of door de opruimdrift van de Verlichting. Maar in Zillis bleef het wonderlijk genoeg intact.

Wat je raakt, is dat voor de kunstenaars de wonderverhalen uit het evangelie geen curiositeiten en geen theatrale ‘special effects’ waren. 

Ze vertelden iets over het bestaan zelf: over angst en hoop, geweld en genezing, onderdrukking en bevrijding. Hun wereld was broos, vol ziekte, oorlog en onzekerheid. In zo’n context is dit plafond geen luxeversiering. Het is eerder een medicijn van verhalen — een visueel evangelie dat mensen helpt om hun werkelijkheid te verstaan.

Een kosmische kaart van chaos en heil

Wat het geheel bijzonder maakt, is de structuur van het plafond. De centrale panelen worden omringd door een randzone met zeedieren, monsters, sirenen, en andere fabelwezens. Die buitenste ring lijkt op het eerste gezicht decoratief, maar heeft waarschijnlijk een diepere betekenis. In de middeleeuwse symboliek staat de zee vaak voor de chaotische wereld buiten Gods orde. Het vaste land — waar het leven van Jezus wordt verteld — vormt dan het domein waar Gods heilsgeschiedenis zichtbaar wordt. De rand met monsters en sirenen verbeeldt de wereld van verleiding, gevaar en het onbekende. Zo ontstaat een soort kosmische kaart. Buiten heerst de mythische waterwereld vol dreiging en chaos. Binnen speelt het verhaal van Gods handelen. 

Daarin krijgen de wonderverhalen uit het evangelie veel aandacht. Genezingen en demonenuitdrijvingen werden in de middeleeuwen gezien als tekenen dat Gods koninkrijk doorbreekt in een wereld die onder verkeerde machten staat. Wanneer Christus een demon uitdrijft, laat dat zien dat het kwaad niet het laatste woord heeft. Dat idee krijgt in Zillis een bijna tastbare vorm. Op een van de panelen verlaat een klein, donker duiveltje via de mond het lichaam van een gekwelde man. Het kwaad wordt letterlijk zichtbaar terwijl het verdwijnt. Het plafond verbeeldt zo een strijdtoneel: Christus tegenover chaos, heling tegenover demonische krachten. De monsters aan de rand zijn de visuele tegenstanders in deze strijd.

Verhalen van pijn, troost en verwachting

Sommige scènes op het plafond zijn opvallend intens. Zo besteden de kunstenaars veel aandacht aan de kindermoord in Bethlehem. De gruwelijke gebeurtenis wordt dramatisch en realistisch weergegeven: soldaten die kinderen doden, moeders die wanhopig proberen hen te beschermen. Maar naast deze aangrijpende scène staat een opmerkelijk tegenbeeld. Daar zien we moeders die hun kinderen koesteren en verzorgen met warmte en liefde. Het is alsof het plafond zelf antwoord geeft op het geweld: tederheid en zorg vormen een weerwoord tegen de brutaliteit van de macht. Het is een klein, maar diep menselijk detail. Het laat zien dat deze kunstenaars niet alleen theologische ideeën verbeeldden, maar ook het alledaagse menselijke leven. 

Toch bevat het plafond ook een raadsel. De kruisiging en de opstanding ontbreken. Dat roept vragen op. Is het programma nooit voltooid? Zijn panelen verloren gegaan door beschadiging of restauraties? Of ligt er een symbolische bedoeling achter? Sommige onderzoekers denken dat het verhaal bewust vóór Pasen stopt. De blik van de gelovige wordt dan als het ware verder geleid naar de liturgie in de kerk zelf — naar kansel en altaar, waar het paasmysterie wordt verkondigd en gevierd. Het blijft gissen.

Wat er in Zillis gebeurd, is daarom meer dan illustratie. Het plafond vormt een theologische ruimte, waarin Christus optreedt en het evangelie zichtbaar wordt. Je wordt uitgenodigd om omhoog te kijken en je in het verhaal te laten opnemen. Misschien is dat ook de reden dat deze schilderingen na negen eeuwen nog steeds iets doen. Ze vragen om een langzaam soort aandacht — het zeldzame moment waarin je even niet probeert de wereld te begrijpen of te controleren, maar om je te laten raken. En wanneer je de kerk weer verlaat, blijft er vaak iets hangen. Iets kleins, iets lichts. Alsof een van die middeleeuwse schilders even zachtjes op je schouder tikt en zegt: ‘Het heilige is niet ver weg. Soms hangt het gewoon boven je hoofd.’

Kerk Onderweg

Afbeelding